Ingrediënten

  • 5 g laurierblad
  • 5 g mosterdzaad
  • 5 g zwarte peper
  • 5 g gember
  • 5 g kaneel
  • 5 g selderijzout
  • 500 g wit krabvlees
  • 1 kleine ui
  • 1 stengel bleekselderij
  • 1 eetlepel dijonmosterd
  • 1 eetlepel mayonaise
  • 1 theelepel worcestersaus
  • 1 ei
  • platte peterselie
  • 50 g broodkruimels
  • arachide- of zonnebloemolie

Materiaal

  • mixer met hakmolen
  • mes
  • 2 mengkommen
  • garde
  • huishoudfolie
  • koekenpan
  • keukenpapier

Krabkoekjes

Malen

Doe laurierblad, mosterdzaad, zwarte peper, gember, kaneel en selderijzout in de hakmolen en maal fijn.

Mengen

Snipper de ui. Snijd de bleekselderij in hele fijne brunoise. Klop het ei licht op. Hak 1 theelepel platte peterselie. Meng dit alles met de mosterd, mayonaise en worcestersaus. Haal eventueel achtergebleven stukjes schaal uit het krabvlees en voeg het krabvlees toe aan het mengsel. Voeg de broodkruimels en een eetlepel gemalen specerijen toe en meng goed. Dek het mengsel af met huishoudfolie en zet het minstens een half uur in de koelkast, zodat het steviger wordt.

Bakken

Vorm met vochtige handen 6 tot 8 koekjes van het mengsel. Verhit een dun laagjes olie in een grote koekenpan en bak de koekjes 2 à 3 minuten per kant op middelhoog vuur tot ze goudbruin zijn. Haal ze uit de pan en ontvet op keukenpapier.

.

→ Serveer met een groene salade met green godess dressing.

© edwardvanhoutte.org